Van marktbezoek naar wekelijks vrijwilligerswerk

Ine: “Al zo’n twaalf jaar ben ik met veel plezier vrijwilliger bij dagcentrum De Werkspecht. Ik wilde graag iets doen voor een ander en kwam bij de locatie terecht via de gezellige markt die ze twee keer per jaar organiseren in Maarssenbroek.
Voor die tijd deed ik overigens al een paar jaar vrijwilligerswerk bij Reinaerde De Ster in Vleuterweide. Hoewel het fijn was om met kinderen te werken, wilde ik toch liever met volwassen mensen aan de slag. Hier had ik al enige ervaring mee door een korte stage in het verleden bij de Johanna Stichting in Arnhem, dus toen er ruimte kwam bij De Werkspecht greep ik die kans met beide handen aan!”
Krea met spijkerstof

“In eerste instantie deed ik alle voorkomende hand- en spandiensten op de afdeling Krea: haken, plakken, knippen, puzzelen en werken met kralen. Gaandeweg ontstonden er diverse groepjes en werd mij gevraagd om met een daarvan iets creatiefs te doen. We begonnen met prikborden bekleed met spijkerstof. Later volgden kussens, tassen en allerlei andere leuke spijkerstof-items.
Bij binnenkomst word ik enthousiast begroet en eisen sommigen mijn aandacht direct op met verhalen over al hun belevenissen van de afgelopen dagen. Dan luister ik gezellig en zoek ik daarna de rustigere mensen op. Daarna starten we gezamenlijk op ons gemak op. Ik deel het werk uit en leg uit wat er gespeld of geregen moet worden, waarna iedereen enthousiast aan een spijkerstofwerkje begint.
“Ien!” Mijn naam wordt geroepen: een cliënt is klaar en wil weten wat er nu moet gebeuren of ze kan niet wachten om een belevenis van de afgelopen week met me te delen. Ze zijn altijd zo openhartig en eerlijk; soms intens verdrietig, soms ontzettend vrolijk. We lachen ook veel, samen met de begeleiding die de cliënten serieus én met humor benadert. Het is een gezellig groepje en elke week leer ik ze weer een beetje beter kennen.”
Een ochtend vol humor en kleine tradities

“Dan schuift onze Fleur aan en komt dicht bij mij zitten. Fleur is er vooral voor de gezelligheid en de flauwekul. En ze houdt altijd haar jas aan, zomer of winter. Ze weet dat ik er niet van hou dat ze bij onze groep komt zitten met haar jas aan. Ik heb haar ooit verteld dat mijn man dat thuis ook zo graag doet en dat ik dat zo ongezellig vind. Daar moest ze ontzettend om lachen: mijn man houdt dus net als zij zijn jas binnenshuis aan!
Na vier keer vragen doet Fleur uiteindelijk haar jas uit. Elke keer probeer ik iets anders, soms zeg ik er niets van. Laatst kwam ze binnen en zei ze trots: “Zie je niks?” Ik reageerde nonchalant: “Wat dan?” en keek de ruimte rond. “Neehee!” zei Fleur en ze ging pal voor me staan zodat ik duidelijk kon zien dat ze haar jas had uitgedaan. “Het is niet te geloven, Fleur!” reageerde ik verrast. “Geweldig, fijn en zo gezellig. Je mag blijven!”
Dit soort kleine momenten maken het zo bijzonder. En Fleur is natuurlijk niet de enige. Elke cliënt is uniek en over iedereen is iets persoonlijks te vertellen. Dat maakt elke ochtend anders, verrassend en ontzettend waardevol.”

