Een lijntje

Woonlocatie Reinaerde Boog 10 op woonzorgpark De Heygreaff in Woudenberg

“De kunst van het begeleiden van mensen met een beperking is toch vooral het aangaan van een relatie waarin jij voorspelbaar bent. Dit betekent dat je laat zien dat je weet wat nodig is en veiligheid biedt. Meestal bouw je vrij snel een lijntje op dat sterk genoeg is om heel te blijven. Ook na bijvoorbeeld een paar vrije dagen pak je dan de draad weer op en bouw je verder.

Voor Annabel werkt het net even anders. Elke dienst begin je opnieuw met het leggen van het lijntje. Soms gaat het snel, soms duurt het uren of lukt het helemaal niet.”

Breekbaar

“Als ik bij Annabel binnenloop, slaapt ze nog lichtjes. Ze wordt wakker van mijn aanwezigheid. Met één oog open kijkt ze me aan, neemt ze me eens goed in haar op en doet ze vervolgens haar oog weer dicht. “Goedemorgen, Annabel,” zeg ik. ‘Ik ben er vandaag voor jou’. Het ene oog gaat weer open, nu ook het tweede oog en zachtjes zegt ze: “Hoi”. “Goedemorgen lieverd,” zeg ik terug en ik laat haar even bijkomen.

Sneller dan ik had verwacht ligt het eerste lijntje en ik doe mijn best dat vooral heel te houden. We kennen elkaar al even en voor ons werkt het goed om in alle rust de dag te starten. Ik ga bij haar zitten en kijk naar haar. Ze ligt er ontspannen bij, maar is nog niet klaar voor de volgende stap. Er komt een herhaling van zetten: “Hoi” en “Goedemorgen, ik ben er voor jou”.”

Tjoeke tjoeke tjoek

Ecoprint van vlinders, gemaakt door Bert, bewoner woonzorgpark Reinaerde De Heygraeff in Woudenberg.

“Na een tijdje tilt Annabel ook haar hoofd op en dat is voor mij het teken om het volgende lijntje uit te gooien: “Heb je al zin om op staan? Dan gaan we naar de badkamer, lekker douchen”. Ze gaat rechtop zitten, trekt het dekbed nog even over zich heen en laat mij zo weten er nog niet helemaal klaar voor te zijn. Om haar ook te laten zien wat de volgende stap is, begin ik met het klaarleggen van haar kleding. In mijzelf pratend pak ik de spulletjes en Annabel volgt me met haar ogen.

Als ik alles heb gepakt praat ze me na: “…dan gaan we naar de badkamer”. Het lijntje is weer wat dikker geworden en als ze er dan ook nog aan toevoegt: “Ik ga mee.” weet ik dat ze klaar is voor de volgende stap. Ik reik haar mijn hand en nu zegt ze “Treintje?”. Annabel houdt van een grapje en een gebbetje en maakt op deze manier contact. Dus gaan we in polonaise richting badkamer: “Tjoeketjoeketjoeketjoek, Toettoet, volgende halte: Toilet, vergeet uw eigendommen niet” blijf ik in het thema. Samen lachen we om het grapje en daarmee is het lijntje flink aangedikt.”

Volgende halte

“Als we alle ADL (Algemene Dagelijkse Levensverrichtingen) hebben afgerond, is het tijd voor het ontbijt. Het gaat zo goed dat ik nu een extra lijntje uitgooi. “Ga je mee boterhammen smeren?” vraag ik haar hoopvol. Het hoeft niet, maar wat extra beweging en even in een andere ruimte zijn, is een welkome afwisseling. Vaak zegt ze “Grapje!” en ploft dan op de bank, maar nu zegt ze “Treintje?”.

“Volgende halte: Keuken!” roep ik en begin met smeren. Annabel pakt uit de koelkast wat ze lekker vindt, maar moet uiteindelijk een keuze maken. Dat is net even te veel voor haar, dus stiefelt ze snel naar haar eigen, veilige kamer.”